Aan de spellen van 100 ways to die at work werken verschillende mensen vanuit hun eigen deskundigheid mee. In de reeks ‘Ontmoet de makers’ stellen we deze teamleden voor. Aflevering 2: Sybo de Geus van 100 kilo. ‘Het is de kunst om te zorgen voor een optimale gameflow, zodat de spelers meteen worden meegenomen in de spelwereld en daar ook op een logische manier bij betrokken blijven.’
Sybo de Geus is opgeleid als grafisch ontwerper. Door de jaren heen is de nadruk in zijn activiteiten steeds meer komen te liggen op denken in en werken aan concepten. ‘Ik schuif tegenwoordig vaak al aan bij opdrachtgevers voordat er überhaupt een communicatiemiddel is gekozen. We gaan dan eerst met elkaar bepalen wie de doelgroep is en welk doel de communicatie heeft. Pas in een later stadium gaat het over het soort uitingen en het ontwerpen daarvan.’
Sybo doet projecten voor onder meer projectontwikkelaars, het ministerie van Defensie, gemeenten en een ziekenhuis. Daarnaast ontwikkelt hij spellen en serious games waarmee organisaties verandertrajecten kunnen invullen. Om zich daarin te blijven ontwikkelen, volgt Sybo geregeld cursussen en trainingen. Via een training over game based learning, verzorgd door Living Story, maakte hij kennis met Tamara Onos. ‘Zij had toen al haar eigen ideeën voor een spel over veilig en gezond werken. Karen Sikkema van Living Story heeft ons toen aan elkaar gekoppeld en zo is het team achter 100 ways to die at work ontstaan.’
Beeld en naam
Binnen dat team is met elkaar meedenken volgens Sybo de rode draad. ‘Ik ben verantwoordelijk voor de vormgeving. Maar daar hebben de anderen uiteraard ook ideeën over, zoals ik weer mijn ideeën heb over het verloop en het mechanisme van het spel. Tamara had al een vrij duidelijk beeld voor ogen en de in mijn ogen zeer sterke naam van het spel was ook al bedacht. Dat idee hebben we vervolgens in diverse sessies verder uitgewerkt. Wordt het een bordspel of een online game? Spelen mensen het individueel of in een groep? Over dat soort dingen moet je met elkaar goed nadenken.’
Het belang van playtests
Van die gezamenlijke tekentafel is vervolgens de stap naar de praktijk een hele belangrijke. Sybo: ‘Wij kunnen het allemaal wel bedenken, maar wij weten al hoe het spel werkt en welk doel met het spelen moet worden bereikt. Daarom zijn de playtests zo belangrijk. Daar schuiven mensen aan die wel vakkennis hebben over veilig en gezond werken, maar die zonder voorkennis het spel gaan spelen. Soms blijkt dan dat iets wat wij volkomen logisch vinden voor de spelers tot een totale vastloper leidt.’
En dus wordt er ook weer geregeld teruggekeerd naar de tekentafel teneinde een spel bij te schaven tot het optimaal werkt. ‘Het is de kunst om te zorgen voor een optimale gameflow, zodat de spelers meteen worden meegenomen in de spelwereld en daar ook op een logische manier bij betrokken blijven’, vervolgt Sybo. ‘Het moet duidelijk zijn wat er van de spelers wordt verwacht, maar het spel moet ze ook verrassen en er moeten leerdoelen worden bereikt. En als je dan bij de laatste playtest merkt dat alles klopt, dan is dat echt top.’
